|
|
Provinciale faunistiek
Over de vlinders in Groningen

Icarusblauwtje, een dagvlinder [M. de Vries] |
Het Groninger landschap is zeer divers door de ontginning van veen in het oosten en zuiden. Daar vooral in het zuiden nog soortrijke heidevelden in stand gehouden zijn profiteren geinteresseerden van de interessante heidesoorten zoals de heivlinder, het groentje en het heideblauwtje. Steeds vaker wordt er rekening gehouden met de soorten. Door samenwerking met de Milieufederatie en andere partijen kunnen steeds meer groene stroken gedijen en voor dagvlinders interessant zijn. Het is immers goed om te weten dat de veranderingen in het landschap garant stonden voor veel soorten dagvlinders, waarvan een zeer groot deel niet meer geschikt is voor bepaalde soorten. Van oorsprong kent Groningen vijfenvijftig soorten dagvlinders, inclusief zeldzame trekvlinders zoals de koninginnenpage en de rouwmantel. Twintig soorten zijn verdwenen uit de provincie, waaronder het groot geaderd witje. Door het stimuleren van natuurontwikkeling is de kans groot dat soorten als de kommavlinder en de sleedoornpage zich weer kunnen vestigen. |
Nachtvlinderonderzoek: op zoek naar het verborgene.
Bovenstaand verhaal ging vooral over de dagvlinders. En in een verhaal over vlinders mogen die ook niet ontbreken. Wij zijn als sectie vooral gericht op de nachtvlinders. Het onderzoek naar nachtvlinders is een van de grootste onderzoeken op vlindergebied. Men spreekt over macro- als micronachtvlinders, waar een klein deel van de dagactieve nachtvlinders aan toebehoort. Eén van deze soorten is de metaalvlinder, die overdag op schrale terreinen vliegt - het liefst bij heiden. Elders vind men de sint jacobsvlinder en de sint jansvlinder, die vanwege hun uiterlijk wel eens als dagvlinder worden aangezien.
De grote verscheidenheid aan kleuren, vormen en gedragskenmerken maken deze vlindergroep interessant. Jaarlijks worden er enkele excursies georganiseerd naar deze soorten. Met lichtvallen (lakens en speciale lampen) als smeersels worden deze soorten gelokt. Heel zelden houdt men zich bezig met de wespvlinders. Deze kleine soorten vliegen overdag en kunnen het beste gelokt worden met speciaal ontwikkelde feromonen.
Deze technieken worden speciaal ingezet om zo veel mogelijk soorten tijdens een inventarisatiemoment te kunnen waarnemingen. Nachtvlinders zijn vaak verborgen beestjes, overdag zitten ze diep verscholen in de vegetatie en 's nachts laten lang niet alle soorten zich tot normaal licht aantrekken.
Daar er veel onderzoek verricht wordt worden er elk jaar nieuwe uurhokken in kaart gebracht. Merkwaardig genoeg worden vaak bijzondere soorten aangetroffen, een deel hiervan kan als nieuw voor de provincie worden aangegeven. Niet alles is er bekend van Groningen wat de nachtvlinders betreft. De eerste inventarisaties, overwegend naar de grotere nachtvlinders (macro's), vonden plaats vanaf 1840. Op het gebied van de allerkleinste soorten (microlepidoptera of kleine vlinders) is er nog werk aan de winkel.
De werkgroep stimuleert dergelijke onderzoeken naar nachtvlinders.
Mede door de enthousiasme bij onderzoekers (lees: onze leden) wordt veel kennis beschikbaar gesteld bij excursies en lezingen, als mede de bekende nachtvlindernacht.
Tijdens excursies en inventarisaties kunt u dus veel leren van wat reeds bekend is binnen kring van kennis van de sectie.
► Checklists van de soorten
▪ Dagvlinders
▪ Macro(nacht)vlinders
▪ Microvlinders (deel 1: Micropterigidae t/m Cosmopterigidae)
▪ Microvlinders (deel 2: Gelechiidae t/m Crambidae)
Met dank verschuldigd aan Dhr. W. Ellis (Werkgr. Vlinderfaunistiek voor de benodigde gegevens).
► Artikelen
▪ Verslag artikel inventarisatie Hortus te Haren (PDF)
|
 Een spanner [K. Boele]
|
KNNV Groningen - sectie Nachtvlinders
|